|
Case: 'Hoe slaagt een fusie?'
Onlangs is Folkert Rozendal, Legal Consultant bij H. van der Tuin Consultancy B.V. gevraagd om commentaar te geven op een artikel in het magazine Sprout. Het betreft een artikel waarin tips worden gegeven om een fusie succesvol te laten verlopen. Klik hier voor het artikel op de website van Sprout.
Ontsnapt, problemen met het verlof binnen het TBS-systeem (pdf) door mr. F. Stiemsma
Heeft u vragen of opmerkingen naar aanleiding van deze publicatie dan kunt u contact opnemen met mr. H. van der Tuin via 058-2134716 of per email: info@huisjurist.nl Hieronder kunt u een tweetal rapporten downloaden:
1. Het portret als werk en merk Mag minister-president Balkenende als klein kind worden afgebeeld in een advertentie van de Kijkshop? Mag een concurrent van de Gouden Gids in haar advertenties gebruik maken van een look-a-like van Katja Schuurman, nadat Katja zelf voor de Gouden Gids figureerde? Mag een bokser, nadat hij ook buiten de ring losse handjes kreeg, al dan niet met een balkje voor de ogen, worden afgebeeld in de media? Dit zijn enkele concrete vragen uit de praktijk naar de toelaatbaarheid van het ongevraagdpubliceren van iemands portret. In dit rapport wordt antwoord gegeven op deze vragen. 2. De bescherming van elektronische post Een bekende van mij zei laatst tegen me: "He, jij bent toch jurist? Kun jij er niet voor zorgen een emailbericht dezelfde status krijgt als een gewone brief!" Ik geloof niet dat hij helemaal doorhad tot waar mijn invloed reikt, maar het geeft wel aan dat er behoefte is aan een dergelijke gelijkschakeling. Dit rapport geeft weer wat de juridische status is van een emailbericht. Ontwikkelingsplanologie Ontwikkelingsplanologie kan worden beschouwd als het nieuwe gedachtegoed binnen de ruimtelijke ordeningsfilosofie. Minster Dekker heeft het als boegbeeld van haar Nota Ruimte genoemd, aldus de heer Blokzijl, RO consultant bij H. van der Tuin Consultancy B.V.. Overheden sturen in het geval van ontwikkelingsplanologie niet met hun gebruikelijke planologische instrumenten als de streek- en bestemmingsplannen. Er wordt met private partijen gekeken wat er voor een bepaalde locatie aan (concrete) mogelijkheden is. Volgens de heer Blokzijl is dit voor de marktpartijen van belang omdat zij zo invloed ervaren in de planvorming. Voor de publieke partijen geld dat specifieke marktkennis en financiele middelen ingezet kunnen worden. De heer Blokzijl merkt verder op dat de private partijen wel een risico lopen omdat er op voorhand geen planologische zekerheden afgegeven kunnen worden. De betrokken partijen sluiten veelal een intentieovereenkomst af waarin al redelijk harde afspraken gemaakt zijn over de verdeling van de taken en risico`s van de locatieontwikkeling. Deze vorm van samenwerken vereist van zowel de private als publieke partijen veel inzet, wil, deskundigheid, mandaat en het inzien van elkaars belangen en problemen. Er is een verschuiving waarneembaar van overheidsintensieve regulering naar een meer maatschappelijke coalitievorming. Deze coalitievorming kan zowel op het gebied van de locatieontwikkeling alswel op het gebied van de herstructurering van woonwijken/ bedrijventerreinen plaatsvinden, aldus de heer Blokzijl H. van der Tuin Consultancy B.V. heeft ruime ervaring op het gebied van het adviseren en sturen van zowel private als publieke partijen op het gebied van samenwerking tussen deze partijen. Juridisering van openbaar bestuur
In maart stelde minister Donner van Justitie het probleem van de procederende burger al aan de orde. In een toespraak bij de opening van het congres Tien jaar Algemene wet bestuursrecht constateerde hij dat appellerende burgers de overheden (gemeenten, provincies en rijk) op hoge kosten jagen. ,,Rechtspraak is een essentiele, maar ook kostbare voorziening, zei Donner. ,, Wij moeten het beroep op die voorziening zoveel mogelijk beperken tot de gevallen, waarin het echt nodig is. Een passend griffierecht draagt daar aan bij. Maar wij zouden ook eens opnieuw naar de regeling van de proceskosten moeten kijken. Het proceskostenrisico voor de appellerende burger is nu vrijwel nul. Alleen in tamelijke extreme gevallen van misbruik wordt een burger wel eens in de proceskosten veroordeeld, aldus de minister van Justitie. Enkele Friese gemeenten bevestigen desgevraagd het beeld van de procederende burger die de overheid steeds vaker op kosten jaagt. Sommige gemeenten zagen in drie jaar tijd het aantal bezwaarschriften dat jaarlijks wordt ingediend verdubbelen. Vooral nieuwe bestemmingsplannen zijn een gewillige prooi voor procederende burgers. Een goedkopere en effectievere oplossing om de kosten voor juridische procedures te beperken is de inzet van mediation. Mediation is een goedkopere en snellere oplossing om geschillen te beslechten. Daarnaast creeert mediation meer draagvlak bij burgers. H. van der Tuin Consultancy B.V. kan gemeenten en andere overheidsinstellingen van dienst zijn in mediationtrajecten. H. van der Tuin Consultancy B.V. richt zich met haar dienstverlening met name op gemeenten en is goed op de hoogte van alle processen bij een gemeente. Voor meer informatie over dit onderwerp kunt u contact opnemen met mevrouw mr. H. van der Tuin op tel. 058-2134716. Bron : Friesch Dagblad, 5 januari 2005 Datum : 21 januari 2005 Wonen in de 21ste eeuw (mei 2004 nota ) In deze nota heeft het kabinet zijn visie op het wonen in de 21e eeuw neergelegd. De nota stelt de burger centraal in het woonbeleid. Dat is nodig, want uit onderzoek is gebleken dat de woonwensen van de burger nog onvoldoende worden bediend. De uit de Nederlandse corporate governance code voortvloeiende gedragsregels zijn te ingrijpend om daar slechts door middel van een lichte `voorhangprocedure` het effect van materiele wetgeving aan te geven. De Tweede Kamer heeft zich te makkelijk door de argumenten van de regering laten overtuigen. Wetsvoorstel minister De Geus : Grote schoonmaak van de WOR Minister De Geus van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid is begonnen met een herziening van de Wet op de ondernemingsraden, de WOR. Er komt een geheel nieuw geschreven WOR, met een nieuwe toelichting. Bovendien zal de WOR niet meer in zijn geheel voor elke ondernemingsraad wettelijk verplicht zijn. Werkgever en ondernemingsraad kunnen samen besluiten welke bevoegdheden tijdelijk de ijskast ingaan. Vormerkung
U kunt hier een scriptie downloaden met als onderwerp:
"De frictie tussen de Vormerkung en art. 7:226 BW, fictie of realiteit?" download
Met ingang van 1 september 2003 is de aanvullende wettelijke regeling inzake de koop van onroerende zaken door consumenten in werking getreden. De nieuwe bepalingen omtrent consumentenkoop beogen de koper van een woning bestemd voor eigen gebruik vergaand te beschermen. Die bescherming wordt geboden door voor te schrijven dat de koop schriftelijk moet worden aangegaan, door het invoeren van een zogeheten "bedenktijd", door de mogelijkheid om de koop in te schrijven in de openbare registers en door de vooruitbetaling van de koopsom te beperken.
Nieuwe wetgeving in hoofdlijnen De koop van een woning voor eigen gebruik: Vormerkung Een dergelijke inschrijving in de registers wordt "Vormerkung" genoemd. Inschrijving tijdens de voor de consument-koper geldende bedenktijd van drie dagen is slechts mogelijk indien de desbetreffende koopovereenkomst door een notaris is opgesteld en mede-ondertekend. Dit is dan, nog steeds, een onderhandse akte (die bijvoorbeeld ook door de makelaar kan zijn opgesteld, en waarover de notaris nog zijn licht heeft laten gaan of waarop hij partijen nog een toelichting heeft gegeven), maar geen notariele koopakte. De inschrijving beschermt het belang van de koper bij de werkelijke nakoming door de verkoper van diens leveringsverplichting. Latere aanspraken van derden op de woning genieten rechtens geen bescherming, nu de (eerste) koop kenbaar was bij raadpleging van de registers. De duur van de hier bedoelde bescherming van de koper is beperkt tot zes maanden: als het registergoed niet binnen die termijn is geleverd, verliest de inschrijving haar beschermende werking met terugwerkende kracht en wordt bovendien de koop niet geacht kenbaar te zijn door raadpleging van de openbare registers. Inschrijving van een koopovereenkomst tussen dezelfde partijen betreffende dezelfde onroerende zaak is daarna gedurende zes maanden niet meer mogelijk. Bron: Ondernemersbrief 4, 2003 CMS Derk Star Busmann. Nota wonen (pdf) Kabinet wil eigen code-Tabaksblat voor semi-overheid Het kabinet wil in navolging op de in december 2003 gepresenteerde code-Tabaksblat tot een gedragscode komen voor het bestuur en toezicht in de semi-publieke sector, als onderwijs, zorg en wonen. Zo'n code moet het ondernemerschap in de sector bevorderen, het toezicht professionaliseren en het beloningsbeleid regelen. Minister Brinkhorst van Economische Zaken onderzoekt op welke wijze een code voor maatschappelijke ondernemingen werkbaar is. Zorginstellingen, scholen en woningbouwcorporaties besteden jaarlijks ruim 100 miljard euro aan belasting- en premiegeld. Over de doelmatige besteding van deze middelen bestaat zorg. Volgens de onderwijsraad is het grootste gedeelte van het extra geld opgegaan aan bureaucratie en beheerskosten. De parlementaire onderzoekscommissie voor de zorguitgaven kon niet vaststellen waaraan het extra geld voor de gezondheidszorg is besteed. Gedacht wordt aan een code waarin vier aspecten worden geregeld: de verantwoordelijkheden en honorering van directie, het toezicht, de verantwoording aan de stakeholders, de financiele verslaglegging en de aansprakelijkheid. Bron: Financieel Dagblad Geplaatst, 29 april 2004 Beleidsnotitie Donner over mediation met aanbiedingsbrief. Handreiking Bezwaarschriftprocedure Algemene wet bestuursrecht. (bron: Ministerie van Justitie) Word bestand 420KB Planschade Neprom wil uitspraak Tweede Kamer over planschade MOT Vanaf 1 juni 2003 is H. van der Tuin Consultancy B.V. als onafhankelijk juridisch adviseur verplicht zich te houden aan de Wet Melding Ongebruikelijke Transacties (Wet MOT). Het doel van deze wet is onder andere de bestrijding van witwassen. Wanneer wordt een transactie als ongebruikelijk aangemerkt?
Per 1 juni 2003 is de Wet Identificatie bij Dienstverlening (WID) uitgebreid met de diensten van vrije beroepsbeoefenaren. Dit betekent dat H. van der Tuin Consultancy B.V. verplicht is om voorafgaande aan de dienstverlening de cliënt te identificeren aan de hand van een identiteitsbewijs (voor natuurlijke personen een geldig paspoort of een geldig rijbewijs), waarbij de gegevens van dit identiteitsbewijs vastgelegd worden. (Voor rechtspersonen wordt de identiteit vastgesteld aan de hand van een gewaarmerkt uittreksel uit het register van de Kamer van Koophandel of een notariële akte.) Als een cliënt eenmaal op de juiste wijze is geïdentificeerd hoeft dat bij een vervolgopdracht niet opnieuw te gebeuren. Wel moet bij elk bezoek worden vastgelegd dat u langs bent geweest. De gegevens die van u vastgelegd en bewaard worden zijn: 1. De geslachtsnaam, de voornamen, de geboortedatum, het adres en de woonplaats of vestigingsplaats van de cliënt. 2. De aard, het nummer en de datum en plaats van uitgifte van het identiteitsbewijs. 3. De aard van de dienst.
|